Extra informatie over Cuba
Algemeen
Havana Republiek in het Caribische gebied, 110.860 km2, met 10,82 miljoen inwoners.
Hoofdstad: Havana (La Habana).
Munteenheid is de Cubaanse peso, onderverdeeld in 100 centavos. Met de lokale peso kan je alleen terecht op straat; als je aan stalletjes iets wil eten, of in sommige staatswinkels. Bij sommige trein- en busstations mag je ook nog met peso's betalen, maar bij de grotere moet je als buitenlander meestal in US$ betalen. Je betaalt dan evenveel dollars als de Cubaanse peso's, wat er grofweg op neer komt dat je twintig keer zoveel betaalt.
Nationale feestdagen zijn 1 januari, de dag waarop Castro in 1959 aan de macht kwam, 26 juli, de dag van de (mislukte) opstand in 1953 van Castro tegen het bewind van dictator Batista, en 10 oktober, de dag waarop de onafhankelijkheidsoorlogen worden herdacht.
Ambassade van Cuba in Nederland, Mauritskade 49, 2514 HG Den Haag.
Tel. 070 - 360 60 61
Cuba maakt deel uit van de oost-westlopende Midden-Amerikaanse gebergteketen. Midden op het grootste eiland van de Westelijke Antillen liggen hoge bergketens. In het zuidoosten ligt de gemiddeld 1700 m hoge Sierra Maestra (Pico Turquino, 2005 m), in de provincie Las Villas de ca. 1200 m hoge Cordillera de los rganos. In Oost-Cuba komen veelvuldig aardbevingen voor. De noordkust is steil en rotsachtig; er zijn veel koraalriffen. De bergachtige zuidkust wordt onderbroken door enige vlakten die tot de zee doorlopen.
Klimaat
Er heerst een tropisch en vochtig klimaat. In Havana varieert de temperatuur van 9 tot 41; in juli bedraagt de gemiddelde temperatuur 27, 7, in januari 21,3. De regentijd duurt van mei tot november en wordt gekenmerkt door hevige onweer. Het regent dan overigens niet de hele dag: elke dag rond 18.00 uur valt een zware stortbui van ongeveer een half uur. Het koelere droge seizoen is niet geheel zonder regen. De gemiddelde jaarlijkse neerslag is 1270 mm. Orkanen komen soms voor. De beste reistijd is dus van november tot april-mei.
Planten en dieren
Fregatvogels Cuba is erg rijk aan plantensoorten. Door de aanplant van suikerriet, koffie en rijst zijn bijna alle oorspronkelijke wouden verdwenen. Men stelt nu pogingen in het werk het eiland opnieuw voor een gedeelte te bebossen, om zowel economische redenen als om natuurbehoud. Grote palmen van 20-25 m hoog geven het landschap zijn specifieke aanzien. In de Cubaanse kustgebieden en laagvlakten vindt men mangroven en tabaksplanten.
Een grote variteit aan dieren is op het eiland aanwezig. De kustwateren herbergen o.a. veel schaaldieren en economisch belangrijke vissoorten. Van de vele vogels is slechts ongeveer een derde inheems; de overige zijn trekvogels van elders. Er leven twee soorten krokodillen (bij de wet beschermd) en vele schildpadden, leguanen en andere reptielen. Interessante zoogdieren zijn o.m. Solenodon cubana, een aan de agouta verwante insecteneter. Zeer veel soorten blijken alleen op Cuba voor te komen; dat geldt in het bijzonder voor de zeer kleurrijke landslakken. |