Extra informatie over Cyprus
Algemeen
Cyprus (in het Grieks: Kypriaki Dimokrata, in het Turks: Kibris Cumhuriyeti) is het meest oostelijke eiland in de Middellandse Zee. Turkije ligt op 72 km, Egypte op 350 km. Na Sicili en Sardini is Cyprus het grootste eiland in de Middellandse Zee. De oppervlakte van Cyprus is 9250 km2, ongeveer net zo groot als Friesland, Groningen en Drenthe samen.
In het noorden ligt het voornamelijk uit kalksteen bestaande Kyreniagebergte. De grootste hoogte bedraagt ongeveer 1000 meter en het gebergte valt op door de kartelige randen en de scherpe toppen. Behalve die van Kyrenia, komen hier verder geen havens voor.
In het zuidwesten ligt het Trodosgebergte met de Olympus (1953m.) als hoogste top van het eiland. Dit gebergte glooit veel meer en klimt geleidelijk naar bijna 2000 meter hoogte. Tussen deze twee bergmassieven ligt de Mesaoria, een zeer vruchtbare vlakte. De zuid- en oostkust hebben brede baaien en hier zijn dan ook verschillende havens te vinden: Famagusta, Paphos, Larnaka en Limassol. Echte rivieren kent Cyprus niet. Het zijn merendeels bergbeken die ook nog alleen in het voorjaar water hebben. Cyprus was in de oudheid dicht bebost, maar begin deze eeuw waren de berghellingen bijna kaal door o.a. ontbossing en bosbranden. Herbebossing heeft er voor gezorgd dat op dit moment bijna n vijfde van het eiland weer bebost is. Cyprus heeft zijn naam te danken aan de handel in koper in de oudheid. Kypros is namelijk koper in het Grieks
Klimaat
Cyprus is het droogste en warmste eiland in de Middellandse Zee. Het eiland heeft een mediterraan klimaat met lange, droge zomers en zachte winters. Het warmst is het in juli en augustus, met maximumtemperaturen tot boven de 40C. De gemiddelde temperatuur in de zomer ligt tussen de 25 en 30C. De periodes maart-begin juni en september-oktober zijn de beste maanden qua temperatuur. December tot en met februari zijn de koudste maanden op Cyprus. Zo is het in de bergen gemiddeld maar tussen de 3 en 12C. Op de besneeuwde hellingen van het Trodosgebergte kan men tussen januari en maart zelfs skien. Gemiddeld valt er in de periode oktober-november tot en met maart-april gemiddeld 300-400 mm regen. In de westelijke gebieden kan dit oplopen tot 1100 mm. De rest van het jaar is het droog. Doordat de kalkrijke bodem het water lang vasthoudt blijven in de zomer veel bronnen vloeien maar drogen bijna alle riviertjes uit.
Planten en dieren
Moeflon In de bergen komt de Aleppo-pijnboom veel voor. Verder een soort steeneik en een speciale cedersoort. Op de west- en zuidhellingen van het Trodosgebergte liggen uitgestrekte wijngaarden. Wat lager op de berghellingen vinden we o.a. acacia's, cipressen, olijfbomen en johannesbroodbomen. In de dalen staan populieren en eucalyptussen. In de dalen verder veel boomgaarden met fruitbomen. Aan de kust staan palmen en agaven. Van februari tot mei is Cyprus n grote bloemenzee. Er bloeien dan o.a. narcissen, cyclamen, irissen, wilde orchideen, anemonen, klaprozen, ranonkel, wilde pioen en de asphodel, die in de Cypriotische oudheid een grote symbolische betekenis had.
De zoogdierenpopulatie op Cyprus is zeer beperkt. Meest opvallende verschijning is de moeflon, een soort schaap. Verder leven er op Cyprus nog vossen, konijnen, wezels en hazen. Onder de inheemse zoogdieren horen ook verschillende soorten vleermuizen. Andere dieren die frequent voorkomen zijn slangen, hagedissen, waterschildpadden, kikkers en kameleons. Op Cyprus komen ongeveer 55 soorten vlinders voor, waaronder de zeldzame slakrupsvlinder en de charaxus jasius. Vogels zijn door het jaar heen vertegenwoordigd met ongeveer 300 soorten, waarvan veel wintergasten. Trekvogels als ooievaars, buizerds, wouwen, valken, kraanvogels en vele zang- en watervogels strijken vanaf eind augustus neer op Cypriotische bodem. Bijzonder zijn de ongeveer 10.000 flamingo's die in de zoutmeren overwinteren. Zeer bijzonder is de zwartborstgrasmus die alleen op Cyprus broedt. Inheemse soorten zijn o.a. de houtduif, torenvalk en kerkuil. De meest voorkomende roofvogel is de havikarend. Wat zeldzamer is de vale gier. Cyprus kent geen inheemse zoetwatervissen. Wel leven in de riviertjes van het Trodos-gebergte volop zoetwaterkrabben. De zee rond Cyprus heeft niet zoveel te bieden. De meeste zeedieren vinden we pas op een diepte van ongeveer 30 meter. De meest voorkomende vissen zijn de papegaaivis, de slijmvis, de grondel en de regenboogvis. De monniksrob en de dolfijn behoren tot de beschermde dieren. 's-Zomers broeden op de zandstranden karetschildpadden. Ook deze dieren zijn beschermd.
De laatste jaren werden er diverse nationale parken en natuurreservaten gesticht. Enkele voorbeelden daarvan zijn het Athalasapark en Tripylos in het Trodosgebergte. |