Extra informatie over Gabon
Algemeen
Op 17 augustus 1960 werd Gabon onafhankelijk van Frankrijk. Lon Mba werd in 1961 het eerste Gabonese staatshoofd. Hij voerde een n-partij staat in, die door zijn opvolger El Hadj Bongo Ondimba (sinds 1967) werd voortgezet. Slechts leden van de Parti Dmocratique gabonais (PDG) konden deelnemen aan verkiezingen. President Bongo werd in 1973, 1980, en 1986 zonder enige tegenkandidaat herkozen met 99% van de stemmen. Begin jaren tachtig uitte het verzet tegen het n-partij systeem zich in de oprichting van de Mouvement de Redressement National (Morena). Na couppogingen en stakingen werd in 1990 een nieuwe grondwet opgesteld, die voorzag in verkiezingen waaraan meerdere partijen konden deelnemen. Begin 1994 liet president Bongo de oppositie toe tot de regering. De oppositie, verenigd in de Haut Conseil de Rsistance (HCR), bereikte met de PDG overeenstemming in de "Akkoorden van Parijs" waarin democratisering en het houden van parlements - en gemeenteraadsverkiezingen vastgelegd werden. Bij de eerste parlementsverkiezingen, in 1996, behaalde de PDG een absolute meerderheid een ook bij de parlementsverkiezingen in December 2001heeft de partij van President Bongo weer een grote meerderheid behaald.
Bij de presidentsverkiezingen van december 1998 en november 2005 behaalde president Omar Bongo 66,9%, respectievelijk 79,2% van de stemmen. Hij is het langst regerende staatshoofd in Afrika en daarmee de doyen van de Afrikaanse presidenten.
Staatsinrichting
Sinds de onafhankelijkheid is Gabon een republiek. De grondwet van 1991, die in 1995 is gewijzigd, voorziet in de verkiezing van een president voor een termijn van 5 jaar, met eenmalige herverkiezing. In 1996 is deze termijn verlengd tot 7 jaar. Ook het meerpartijenstelsel is vastgelegd in de grondwet vastgelegd, die tevens individuele en burgervrijheden garandeert.
De premier wordt, evenals de overige leden van het kabinet, benoemd door de president. De uitvoerende macht berust bij de president en de ministerraad. De wetgevende macht is in handen van de president en van het 120 leden tellende parlement, die voor een periode van vijf jaar gekozen worden. Een aantal raden ziet toe op de naleving van de in de grondwet vastgelegde wetten, de mensenrechten en persvrijheid.
Binnenlandse politiek
Sinds de oprichting in 1968 speelt de partij van Bongo, de Parti Dmocratique gabonais (PDG) een hoofdrol. Overige politieke partijen zijn de Union du Peuple gabonais (UPG), Parti gabonais du Progrs (PGP), Rassemblement pour le Gabon (RPG) en de Parti Social dmocrate (PSD). Een deel van de voormalige oppositiepartij Mouvement de Redressement National (Morena) van Molire Boutama sloot zich in juni dit jaar aan bij de regeringsmeerderheid.
Bij de presidentsverkiezingen van november 2005 behaalde de zittende president een onverwacht hoog percentage van 79,2%. Zijn belangrijkste opponenten, Pierre Mamboundou (Union du Peuple gabonais) en Zacharie Myboto (Union gabonaise pour la Dmocratie et le Dveloppement) kwamen niet verder dan 13,6, resp. 6,6%. De oppositie beschuldigt president Bongo van het kopen van stemmen en het laten verstoren van verkiezingsbijeenkomsten van zijn tegenstanders. Na de verkiezingen deden zich in Libreville enige ongeregeldheden voor.
Naar verwachting zal Bongos PDG ook de parlementsverkiezingen van december winnen. In de aanloop van deze verkiezingen wordt hernieuwde onrust niet uitgesloten. |