Extra informatie over Kenya
Algemeen
Kenia of Kenya (officieel: Jamhuri ya Kenya; Engels: Republic of Kenya), is een presidentile republiek in Oost-Afrika en lid van het Gemenebest van Naties. Kenia behoort samen met Djibouti, Eritrea, Ethiopi, Soedan en Somali tot de 'Hoorn van Afrika'. Kenia ligt op de evenaar, heeft een oppervlakte van 582.646 km2 en is daarmee 14x zo groot als Nederland. Binnenwateren als rivieren en meren nemen 11.230 km2 in beslag. Kenia grenst in het noorden aan Ethiopi (830 km) en Sudan (232 km), in het oosten aan Somali (682 km) en de Indische Oceaan, in het westen aan Uganda (933 km) en het Victoriameer en in het zuiden aan Tanzania (769 km).
Voor de hier en daar ingesneden kust liggen een serie koraalriffen en een aantal eilandjes, o.a. de Lama-archipel en Mandu. Van de tot 200 km brede en tot 150 m hoge kuststrook loopt het land langzaam op naar een parallel hieraan gelegen, 150 tot 300 meter hoog plateaugebied. In het noorden en noordwesten gaat dit over in een gebied met hoogvlakten van 300 tot 1500 meter, behorend tot het Oost-Afrikaanse plateau, die in het zuidwesten overgaan in de Kenya Highlands, 1500 tot 3000 m hoog.
De Highlands worden in noord-zuidelijke richting doorsneden door de Oost- Afrikaanse Slenk, wat een zijtak is van de van noord naar zuid lopende Grote Afrikaanse Slenk of Great Rift Valley, die 600 tot 900 m lager ligt dan het omringende gebied en door hoge vulkanen wordt geflankeerd. De slenk is 48 tot 64 kilometer breed. Nabij het Naivasha-meer ligt de slenk ca. 2000 meter boven zeeniveau.
Hier vinden we ook de op een na hoogste berg van Afrika, de Mount Kenya (5199 meter). Dit gebied is het vruchtbaarste van het land en de lager gelegen delen van de bergen worden intensief gebruikt voor de landbouw. In deze slenk liggen een aantal meren, waaronder het grotendeels op grondgebied van Kenia liggende Rudolfmeer, het Nakuru-meer, het Naivasha-meer en het Magadi- meer. Het Victoriameer, waarvan alleen het oostelijke uiteinde op grondgebied van Kenia ligt, ligt tussen de twee slenken in. In de buurt van het Victoriameer ligt ook de op een na hoogste berg van Kenia, de Mount Elgon (4321 meter). De Grote Afrikaanse Slenk loopt van het Midden-Oosten tot aan Malawi en is meer dan 5000 kilometer lang.
Het westen van Kenia bestaat uit een golvend heuvellandschap dat zich uitstrekt van de Sudanese grens in het noorden tot aan Tanzania in het zuiden. In het zuiden gaat het vruchtbare landschap over in een uitgestrekt savannelandschap. Hier liggen de grootste en populairste wildreservaten. Ten zuiden van het Amboseli-reservaat rijst de Kilimanjaro (5895 meter) op, de hoogste berg van Afrika, die echter geheel in Tanzania ligt. Noord- en Oost Kenia bestaan uit een bergachtig landschap met veel struikgewas dat overgaat in een woestijnlandschap waar maar zelden regen valt. Hier vinden we het meest woeste en ongerepte landschap van Kenia.
Gedeeltelijk bevaarbare rivieren zijn de Sabaki en de Tana.
Klimaat
Temperatuur, neerslag en luchtvochtigheid zijn in Kenia aan grote verschillen onderhevig. Er zijn vier zones te onderscheiden met min of meer hetzelfde klimaat.
Het golvende plateau in West-Kenia is over het algemeen zeer warm en met een behoorlijke luchtvochtigheidsgraad. Regen valt er het hele jaar door. In april valt de meeste regen, maximaal 200 mm; in januari valt de minste regen, ca. 40 mm. De minimumtemperaturen liggen tussen de 14 en 18C en de maximumtemperaturen tussen de 30 en 34C. Meer naar het westen, bij het Victoria-meer, heerst een tropisch klimaat met gemiddelde temperaturen van 18 tot 30 C; hier vallen zware tropische regens
De centrale hooglanden en de Rift Valley hebben de meest aangename temperaturen, alhoewel ook hier grote verschillen zijn waar te nemen. In de laagste delen van de Rift Valley is het vrij dor en op de Mount Kenya ligt eeuwige sneeuw. Regenval varieert van 20 mm in juli tot 200 mm in april en valt voornamelijk in de periodes maart tot mei (lange regens) en oktober tot december (korte regens). In de Aberdare-bergen en op Mount Kenya valt de meeste neerslag tot vaak meer dan 3000 mm per jaar. De temperaturen variren van minimaal 10 14C tot maximaal 22 26C.
De uitgestrekte semi-droge bushlands en de woestijnachtige gebieden in het noorden en noordoosten worden gekenmerkt door grote temperatuursverschillen. Overdag is het rond 40C terwijl de temperatuur 's nachts terugvalt naar waarden tussen de 15 en 20C. Het regent niet vaak en als het regent gebeurd dit vaak in stortbuien. Juli is hier de droogste maand en november de natste. De gemiddelde neerslag ligt tussen 250 en 500 mm per jaar.
De kuststreek is het hele jaar door heet en vochtig, hoewel de temperatuur wordt getemperd door de zeewind. De regenval varieert van 20 mm in februari tot 300 mm in mei. Jaarlijks valt er tussen de 1000 en 1250 mm. De gemiddelde temperaturen zijn het gehele jaar ongeveer gelijk, tussen 22 en 30C.
Planten en dieren
De plantengroei bestaat langs de kust en rond de riviermondingen uit kokospalmen, mangrovebossen en tropische wouden. Het is een vruchtbare streek waar mango's, citroenen, sinaasappels en vele tropische bloemen groeien. Achter de kustlijn verandert het groen in een savannelandschap met doornstruiken, schermacacia's en baobabs of apenbroodbomen. Deze begroeiing komt voor in het oostelijke en noordelijke deel van Kenia. Op het plateau vindt men hooglandwouden die, afhankelijk van hoogte en klimaat, variren van het zeer zware hout van de wilde olijf tot het zeer lichte hout van Gyrocarpus jacquinii; veel bergbossen hebben ook een bamboegordel. Prachtige wouden vindt men op de vulkaanhellingen (tot 3300 m); aan de voet hiervan groeien veel schermacacia's.
Van de dierenwereld is vooral die van de steppen en halfwoestijnen bekend.
Een selectie:
Giraffen komen voor op de savannes en in open bosgebieden met acacia's. De grote Maasai-giraffe komt het meest voor; de kleinere netgiraffe leeft in het noorden
Hyena's komen in het hele land voor. De gestreepte en de gevlekte hyena eten voornamelijk aas maar ook kleine zoogdieren.
Dikdiks leven in struikgewas en is de kleinste antilopensoort, maximaal 40 cm groot.
Bavianen zijn te vinden bij rivieren en lavavelden en leven in grote families bij elkaar.
Impala's zijn antilopen die op de savannes voorkomen.
Gnoes leven in kudden op de savannes.
Elandantilopen met grote spiraalvormige hoorns leven eveneens op de savannes.
Wrattenzwijnen leven in de buurt van water in kleine families.
Zebra's leven op steppen en graslanden In Kenia komen de gewone zebra en de Grvy's zebra voor.
Neushoorns zijn zeer bedreigde dieren. In Kenia komen de zwarte of puntlipneushoorn en de witte of breedlipneushoorn voor.
Buffels zijn kuddedieren en komen voor in bossen en in de savannen.
Nijlpaarden zijn te vinden in alle rivieren en meren
Krokodillen komen voor in bijna alle rivieren van Kenia.
Leeuwen leven op de savannen en in open wouden. Het is de enige katachtige die in groepjes leeft.
Luipaarden zijn nachtdieren en komen vooral voor in bossen, struikgewas en grotten.
Olifanten zijn kuddedieren die vooral in de bossen en op de savannen leven. Het zijn de grootste landzoogdieren.
Oryxen of spiesbokken leven in droge gebieden met struikgewas.
In Kenia komen de franjeoor en de beisa voor.
Struisvogels zijn loopvogels die op de savannen en de graslanden voorkomen.
Waterbokken leven in de buurt van water in open bosgebieden en rotsachtig heuvelland.
Koedoes zijn antilopen die onderscheiden worden in kleine en grote koedoes. Ze leven in struikgewas en dichte bossen.
Cheeta's of jachtluipaarden leven op de open savannen en de steppen. Het is het snelste zoogdier ter wereld en kan 80 kilometer per uur bereiken.
Gerenoeks of giraffegazellen leven in droge gebieden met struikgewas.
Verder is er een rijke vogelwereld met meer dan duizend soorten vogels o.a. roofvogels, wevervogels en honingzuigers. Flamingo's leven in grote groepen bij de meren van de Rift Valley. Sinds juli 1999 zijn er in het Bogoria-meer tienduizenden flamingo's gestorven. Er werden verschillende zware metalen in het lichaam van de vogels aangetroffen. Verder ooievaars, gieren, pelikanen, reigers, ibissen, neushoornvogels en aalscholvers.
Giftige slangen zoals de cobra, de mamba en de pofadder leven in de graslanden en langs rivieren. Ook de python, een wurgslang, leeft daar. Verder zijn reuzenslakken zeer opvallend.
Al in de koloniale tijd is een begin gemaakt met de natuurbescherming en dankzij het toerisme werd deze na de onafhankelijkheid voortgezet. Kenia kent vele, vaak wereldberoemde nationale parken en natuurreservaten die sinds de jaren veertig van de 20e eeuw ontstonden. Door stroperij en kaalslag van bossen wordt desondanks een aantal diersoorten zeer ernstig bedreigd: de olifant, de puntlipneushoorn en in mindere mate ook de Grevy-zebra, het Hunter's hartenbeest en de jachtluipaard.
Ter bescherming van de prachtige onderwaterwereld van Kenia werden er verschillende zeereservaten opgericht. Deze reservaten worden op een natuurlijke manier beschermd door een groot rif dat langs de hele kust van Kenia loopt. Enkele van deze reservaten zijn het Malindi-Watamu Marine Reserve en het Kiunga National Marine Reserve. In dit laatste reservaat worden vooral schildpadden beschermd alsmede enkele zeer zeldzame koraalsoorten.
Vissoorten die zeer de moeite waard zijn: keizersvis, vlindervis, papegaaivis en de giftige schorpioenvis en steenvis. Op zee vist men naar bonito's, zwarte en blauwe marlijnen, zeilvissen, tijgerhaaien, hamerhaaien, geelvintonijnen en waaiervissen. In het binnenland kan er gevist worden op forellen, forelbaarzen, tilapia's, nijlbaarzen en tijgervissen.
Andere schepsels zijn de doornkroon, een soort zeester, de heremietkreeft en een aantal zeeschildpadden. |