Extra informatie over St tome en principe
Algemeen
De eilandengroep So Tom en Prncipe, circa 250 km ten zuidwesten van de kust voor Gabon gelegen, vormen na de Seychellen het kleinste land van Afrika. Toen de Portugezen de eilandengroep in de 15e eeuw ontdekten was deze onbewoond. In 1493 stichtte Avaro Camindha de eerste Portugese nederzetting So Tom, dat werd vernoemd naar de heilige Sint-Thomas. In 1500 werd het eilandje Prncipe aan de nederzetting toegevoegd. De Portugezen importeerden slaven uit de binnenlanden van Afrika die te werk werden gesteld op de plantages. Hiermee groeide de eilandengroep uit tot Afrikas belangrijkste exporteur van suiker. Aan het begin van de 19de eeuw liep de productie van suiker terug en werden de gewassen koffie en cacao gentroduceerd. Tot op heden is cacao het belangrijkste exportproduct van het land. De huidige bevolking is een mix van afstammelingen van slaven uit Benin, Gabon en Congo (Mesticos); afstammelingen van Angolese slaven (Angolares); afstammelingen van arbeiders uit Angola en Mozambique (Servicais) en Europeanen.
Hoewel de slavernij officieel aan het eind van de 19de eeuw werd afgeschaft, ging in de praktijk de gedwongen tewerkstelling van lokale inwoners vaak gewoon door. In 1953 leidde dit tot een massale opstand tegen de Portugese overheersing, waarbij honderden arbeiders de dood vonden. Halverwege de jaren 50 richtte een kleine groep Sotomans onder leiding van dr. Manuel Pinto da Costa de nationale partij Comit de Libertao de So Tom e Prncipe op. In 1972 werd de naam gewijzigd in het Movimento de Libertao de So Tom e Prncipe (MLSTP). Steeds meer landen in Afrika claimden onafhankelijkheid en een geweldloze coup in Lissabon (de zogenaamde Anjerrevolutie) welke een regering aan de macht bracht die voorstander was van de onafhankelijkheid van de kolonin, bracht de ontwikkelingen in So Tom in een stroomversnelling. De Portugese regering erkende de MLSTP als enige vertegenwoordiging van de Sotomans en installeerde een overgangsregering.
Op 12 juli 1975 werden So Tom en Prncipe onafhankelijk. De secretaris generaal van de MLSTP Manuel Pinto da Costa werd president. Miguel Trovoada werd premier. De MLSTP voerde een radicaal socialistische (marxistische) politiek en had de absolute macht. Halverwege de jaren 80 werden echter geleidelijk veranderingen doorgevoerd op politiek en economisch niveau en ontstond meer ruimte voor oppositie. Als gevolg van een verslechterde economische situatie, het naderende einde van de Koude Oorlog en internationale druk besteedde president Pinto da Costa meer aandacht aan kapitalistische hervormingen en besloot tot de overgang naar een meerpartijendemocratie. Met de eerste vrije verkiezingen voor de Nationale Vergadering in 1991 leed de MLSTP (inmiddels gewijzigd in Movimento de Libertao de So Tom e Prncipe-Partido Social Democrata MLSTP-SPD) een gevoelig verlies. De Partido de Convergncia Democrtica-Grupo de Reflexo (PCD-GR) - een coalitie van voormalig MLSTP dissidenten, onafhankelijken en jonge professionals - won onder leiding van Leonel d'Alva de meeste zetels. Met de presidentsverkiezingen drie maanden later trokken alle kandidaten, behalve de semi-onafhankelijke kandidaat Miguel Trovoada, zich terug. Trovoada, gesteund door de PCD-GR en de Coligao Democrtica de Oposio (CODO) kreeg 81% van de stemmen en werd de nieuwe president. In 1994 vormde de MLSTP-SPD met 27 van de 55 zetels een minderheidsregering maar behaalde opnieuw een meerderheid in 1998. De PCD-GR gezinde president Trovoada bleef echter aan de macht door de presidentsverkiezingen in 1996 te winnen. Hij werd in 2001 opgevolgd door de eveneens PCD-GR gezinde Fradique de Menezes. Bij de parlementsverkiezingen van 2002 behaalde geen van de partijen een meerderheid. De instabiele politieke situatie resulteerde in juli 2003 in een militaire coup. President Menezes die op dat moment in Nigeria verbleef werd afgezet. De coup werd internationaal scherp veroordeeld maar werd een week later vreedzaam beslecht. De coupplegers werd amnestie verleend en dezelfde regering nam weer zitting, onder leiding van president Fradique de Menezes.
Staatsinrichting
De Republiek van So Tom en Prncipe is een constitutionele republiek met een uit n Kamer bestaand parlement (Nationale Vergadering) met aan het hoofd een president. Het rechtssysteem is gebaseerd op Portugees- en gewoonterecht. In 1990 verving een nieuwe (meerpartijen) grondwet de oorspronkelijk marxistische grondwet uit 1975. De grondwet bepaalt dat de wetgevende macht bij de Nationale Vergadering ligt.De uitvoerende macht ligt in handen van de president. Deze wordt direct gekozen voor een periode van vijf jaar en kan maximaal n keer herkozen worden. Hij/zij legt verantwoording af aan de Nationale Vergadering en is opperbevelhebber van de strijdkrachten. De president stelt de premier aan en met behulp van de premier vervolgens de ministers. Administratief is het land in twee provincies (So Tom en Prncipe) en zeven districten verdeeld (zes op So Tom en n op het eiland Prncipe). In 1995 kende de Nationale Vergadering het eiland Prncipe politieke en administratieve autonomie toe. De regionale vergadering en de regionale regering moeten verantwoording afleggen aan een gedelegeerde minister die op zijn beurt verantwoordelijk is voor Prncipe en benoemd is door de president.
Vijf politieke partijen bepalen het politieke toneel in So Tom en Prncipe. De belangrijkste is de Movimento de Libertao de So Tom e Prncipe-Partido Social Democrata (MLSTP-SPD); de Partido de Convergncia Democrtica (PCD sinds 2001, voorheen PCD-GR); de in 1992 door Trovoadas aanhangers opgerichte Aco Democrtica Independente (ADI); de in 1990 opgerichte Democratic Party of So Tom and Prncipe-Democratic Coalition of the Opposition (PDSTP-CODO) en de in 2001 opgerichte Movimento Democrtico das Foras da Mudana Convergncia Democrticsa (MDFM-PCD). Daarnaast is er een aantal kleinere partijen. De MDFM won april 2006 met 23 van de 55 zetels en vormt een minderheidsregering onder leiding van de nieuwe premier Tom Vera Cruz.
Binnenlandse politiek
De binnenlandse politiek is sinds de invoering van het meerpartijensysteem in 1991 turbulent en instabiel gebleken. Bij de parlementsverkiezingen in 2002 won geen van de partijen een meerderheid. De Movimento de Libertao de So Tom e Prncipe-Partido Social Democrata (MLSTP-SPD) won 24 zetels en vormde een coalitie samen met de ondersteunende partij van president Menezes: de Movimento Democrtico das Foras da Mudana (MDFM-PCD), die 23 zetels behaalde. In maart 2004 stond de regering echter op instorten, nadat de MDFM-PCD had aangekondigd zich terug te trekken uit de regerende coalitie. In september 2004 werd premier Maria das Neves ontslagen en werd een nieuw kabinet gevormd onder leiding van premier Damio Vaz dAlmeida. Hij nam vervolgens ontslag in juni 2005, en werd opgevolgd door Maria do Carmo Silveira. In januari 2006 stapte de minister van Buitenlandse Zaken op, na zware kritiek over de besteding van een schenking van de regering van Marokko. De meest recente parlementsverkiezingen op 26 maart 2006 werden een week later - op 2 april in vier kiesdistricten opnieuw gehouden, nadat demonstranten de stemlokalen hadden geblokkeerd. De MDFM-PCD welke tot nog toe in de oppositie zat behaalde 23 zetels en vormt nu onder leiding van premier en MDFM-lid, Tom Vera Cruz, een minderheidsregering. De MLSTP-SPD die 20 zetels behaalde neemt zitting in de oppositie. De Aco Democrtica Independente (ADI) behaalde 12 zetels.
De turbulentie in de binnenlandse politiek is ten dele te verklaren door een zwakke oppositie: de verschillende oppositiepartijen zijn (nog) niet in staat gebleken hun verschillende ideen te cordineren wat tot een voortdurende instabiele politieke situatie heeft geleid. Toch is het ontbreken van een goede vertrouwensbasis tussen de president en de regering het grootste probleem. Het feit dat de zittende president Fradique de Menezes sinds 2001 zeven keer (!) een nieuwe premier heeft aangesteld illustreert de nog altijd moeizame relatie tussen beide. Volgens de grondwet van 1990 kent So Tom en Prncipe een semi-presidentieel systeem. De scheiding der machten is hierdoor niet altijd even evident: de president stelt de regering samen maar moet het vertrouwen hebben van de meerderheid in het parlement. De belangrijkste partij, de MLSTP-SPD, behaalde na het verlies begin jaren 90 opnieuw de meerderheid in 1998 en 2002, maar verloor de presidentsverkiezingen. De coup in 2003 was kenmerkend voor het instabiele karakter van de overheidsstructuren. In 2005 kondigde president Menezes daarom aan een referendum te organiseren over het politieke systeem in het land. De president verbindt aan dit referendum zijn lot. Bij een stem voor het presidentile systeem zal hij zich in 2006 opnieuw kandidaat stellen. Bij een stem tegen het presidentile systeem trekt hij zijn kandidatuur in. Voor het referendum is een grondwetswijziging noodzakelijk, die vooralsnog door de politieke partijen wordt geblokkeerd. Er is daarom nog geen duidelijkheid over de datum van een eventueel referendum.
Het terugdringen van de armoede, waarbij de regering ernaar streeft in 2007 een groei van het Bruto Binnenlands Product van 5,5% en een inflatiecijfer onder de 10% te realiseren, is n van de kernzaken van het nationale beleid. Daarnaast wordt de discussie op het politieke toneel sinds enkele jaren vooral bepaald door de vondst van grote olievoorraden voor de kust. Het beheren en managen van de verwachte olie-opbrengsten is inmiddels speerpunt van het beleid geworden. Anno 2006 staat de kleine republiek voor een grote politieke uitdaging: de verdeling van de oliegelden. De verwachte inkomsten uit de olieopbrengsten bieden het land dat voor lange tijd tot n van de armste ter wereld behoorde, een nieuw toekomstperspectief. De regering doet er alles aan de olie-opbrengsten zo transparant mogelijk te innen. Hiertoe is een wet aangenomen in het parlement die tevens de verdeling van de opbrengsten over de districten regelt. |