Extra informatie over Syrie
Algemeen
Als onderdeel van het Ottomaanse rijk bestond Syri tussen 1516 en 1914 uit een gebied dat ook Libanon, Isral en Jordani omvatte. Het huidige Syri ontstond aan het einde van de Eerste Wereldoorlog na het uiteenvallen van het Ottomaanse rijk. Nadat het gebied in 1920 een Frans mandaatgebied werd. In 1941 werd Syri officieel door Frankrijk erkend, maar het land werd pas de-facto onafhankelijk toen de Franse en Britse troepen zich in 1946 hadden teruggetrokken. Nadat in 1950 de eerste Syrische grondwet tot stand was gekomen, maakte Syri vanaf 1958 tot 1961 samen met Egypte deel uit van de Verenigde Arabische Republiek. Een staatsgreep in Damascus maakte echter een einde aan dit pan-arabische initiatief en uiteindelijk nam de Ba'ath-partij (een Arabisch socialistische, seculier georinteerde partij) de macht over in 1963. Vier jaar later, in juni 1967, verloor Syri de Golan aan Isral tijdens de Zesdaagse Oorlog.
In november 1970 trok Hafez Al-Assad, een Alawiet die een snel carrire had gemaakt bij de Syrische strijdkrachten en de Baath-Partij, na een (bloedeloze) staatsgreep de macht naar zich toe. Een jaar later, in maart 1971, werd hij in een referendum gekozen tot president van Syri. Een poging de Golan op Isral te heroveren tijdens de Yom Kippur-oorlog in oktober 1973 mislukte, waarna een jaar later een staakt-het-vuren tussen beide landen werd overeengekomen. Sindsdien is het terugkrijgen van de Golan een van de centraal thema in het buitenlandse beleid van Syri. Ondanks de (internationaal-) politieke en economische problemen waarmee het land tijdens zijn dertigjarige bewind werd geconfronteerd, is Assad er in geslaagd Syri de nodige interne stabiliteit te brengen en het land tot een speler van betekenis te maken in het Midden-Oosten.
Na het overlijden van Hafez Al-Assad op 10 juni 2000 werd hij opgevolgd door zijn zoon Bashar Al-Assad. De nieuwe president heeft zich o.a. tot taak gesteld Syri te moderniseren en heeft aangegeven (voorzichtige) economische en maatschappelijke hervormingen te willen doorvoeren. Of hij daarin slaagt en of er ook politieke veranderingen zullen plaatsvinden moet echter nog blijken.
Staatsinrichting
Syri is een seculiere staat die wordt bestuurd door een regime dat steunt op een kleine machtsgroep die goeddeels tot de Alawietische religieuze minderheid behoort. Na de machtsgreep van Assad in 1971 werd de voorlopige grondwet van 1969 aangepast om de president meer macht te verlenen. De president wordt gekozen voor een periode van zeven jaar en is niet alleen staatshoofd, maar tevens opperbevelhebber van de strijdkrachten en secretaris-generaal van de Ba'ath partij. Hij is bovendien gemachtigd vice-presidenten, de minister president en de raad van ministers te benoemen en te ontslaan. In 1973 is de aangepaste grondwet door middel van een referendum bekrachtigd.
De grondwet omschrijft de Syrische Arabische Republiek als een democratisch-socialistische volksrepubliek, geleid door de Ba'ath partij. Hoewel de uitvoerende macht in naam bij de raad van ministers berust, is het de president die de belangrijkste beslissingen neemt. De in 1998 samengestelde volksvertegenwoordiging keurt het beleid van het regime zonder wezenlijk debat goed. De volksvertegenwoordiging wordt gedomineerd door het Nationale Progressieve Front, sinds 1972 een coalitie van zes partijen, waarbinnen de Arabisch Socialistische Ba'ath Partij almachtig is. De Ba'ath partij heeft een absolute meerderheid van zetels in de volksvertegenwoordiging.
Na het overlijden van Hafez Al-Assad heeft het Syrische parlement de grondwet aangepast, waardoor de minimumleeftijd van de president is verlaagd van 40 naar 34 jaar. Dit was een eerste stap om de opvolging van Hafez Al-Assad door zijn zoon Bashar Al-Assad mogelijk te maken. Nadat het parlement en de Baath-partij hun steun hadden uitgesproken voor de kandidaatstelling van Bashar voor het presidentschap, ging op 10 juli 2000 97,29% van de uitgebrachte stemmen akkoord met zijn nominatie tijdens een nationaal referendum. Een week later, op 17 juli, werd Bashar Al-Assad genaugureerd als de nieuwe president van Syri.
Binnenlandse politiek
Het binnenlandse beleid is, naast sociaal-economische ontwikkeling, gericht op het in stand houden van bestaande machtsstructuren. Het politieke bestel rust hierbij op vier pijlers, te weten: de strijdkrachten, de veiligheidsdiensten, de bureaucratie en de Ba'ath-partij. Als instrument om het land in hun greep te houden gebruiken de machthebbers een uitgebreid netwerk van veiligheidsdiensten. De in 1963 afgekondigde noodtoestand, welke nog immer van kracht is en wordt gerechtvaardigd met het argument dat Syri zich ten opzichte van Isral in staat van oorlog bevindt, biedt de veiligheidsdiensten een basis om buiten enige justitile controle te opereren. Tegen alles wat wordt gezien als strijdig met de door de socialistische Ba'ath-partij gecreerde staatsorde wordt streng opgetreden. Hoewel Syri algemeen wordt gezien als een relatief stabiel land met goede basisvoorzieningen, is dit ten koste gegaan van de individuele vrijheden. Het aantreden van Bashar Al-Assad zou in deze een ommekeer kunnen betekenen, het is echter nog te vroeg om hierop vooruit te lopen. Het ligt in de lijn der verwachting dat binnenkort een nieuwe regering zal worden gepresenteerd. Pas als bekend is wie hierin zitting zullen hebben, zal meer duidelijk worden over de koers van het huidige bewind in Damascus. |